|
De Tanach, de Joodse Bijbel, en in het bijzonder de Torah, de boeken Mozes, staan vol met bijzondere teksten, soms zelfs vreemd of aanstootgevend. Een van deze in eerste lezing ergerlijke teksten vinden we direct aan het begin van onze wekelijkse parashah Ki Tetsee (Devarim 21:10-25-19). We lezen: ‘Als u ten strijde trekt tegen de vijand, en de Eeuwige, uw God, levert hem aan u uit, en u ziet onder de mensen die u krijgsgevangen maakt een mooi meisje dat bij u in de smaak valt en dat u tot uw vrouw wilt maken, en u neemt haar mee naar huis, dan moet zij haar hoofd kaalscheren, haar nagels knippen en de kleren die ze als krijgsgevangene droeg afleggen.’ (21:10-13a). Zoals wellicht bij de lezer bekend, kent het Jodendom verschillende manieren om een tekst te interpreteren, van letterlijk, tot allegorische en mystieke methoden. Er zijn in de exegese vier principes die worden onderscheiden: Peshat, Remez, Derash en Sod, bekend onder de noemer Pardes. Peshat betreft de letterlijke interpretatie van een tekst. Remez houdt zich bezig met allegorie (letterkunde). De Derash-methode kijkt door verschillende ‘brillen’ naar een tekst: contextueel, niet-contextueel, of moreel- en filosofisch. Sod betreft de mystieke, esoterische methode. Je kunt een Bijbeltekst dus op ontzettend veel manieren interpreteren. Het ligt eraan hoe je tegen bepaalde dingen aankijkt. Neem je iets letterlijk, of probeer je, net als bij het mystieke principe van ‘Sod’ te kijken naar de diepere betekenis achter een tekst. Zou je onze tekst uit Ki Tetsee letterlijk nemen, dan zouden menig haren rechtovereind gaan staan en zou, zeker in de huidige tijd, groot nieuws zijn in de mainstreammedia en de straten bevolkt door protesterende mensen. Je kunt je er wel iets bij voorstellen. Vele interpretaties van deze tekst met betrekking tot de Joodse wetgeving in oorlogstijd heb ik voor deze blog doorgenomen en een daarvan is bijzonder interessant en verdient aandacht. Rabbi Joseph B. Soloveitchik schrijft in zijn commentaar het volgende: ‘De Thora waarschuwt ons dat we, als we ten strijde trekken en de strijd winnen, iets kunnen zien dat ons aanspreekt, gesymboliseerd door de yefas to’ar. Soms is de yefas to’ar, de schoonheid van Jafeth (Beresjiet 9:27[1]), navolgenswaardig. Tegelijkertijd kan er ook corruptie schuilgaan in haar schoonheid. Onder haar aantrekkelijke uiterlijk schuilt mogelijk morele perversie.’ Tijdens het bestuderen van onze tekst en de interpretatie van Soloveitchik moest ik denken aan een bekende metafoor van de Deense filosoof Kierkegaard. Hij gebruikt het beeld van de kleding als hij onderscheid maakt tussen ‘het uiterlijk’ (kleding) en ‘het innerlijk’ van een persoon. Kierkegaard, legt zoals wellicht bekend, de nadruk op het innerlijk van een mens. Het uiterlijk is slecht ‘kleding’ en met een verwijzing naar de toneelkunst, bedrieglijk (Kierkegaard was kind aan huis in het theater van Kopenhagen). De Torah vertelt ons volgens deze interpretatie iets wezenlijks. Als wij mensen alleen geïnteresseerd zouden zijn in het uiterlijke voorkomen, in de tekst ‘haar lange haar’ en ‘nagels’, dan schuilt er gevaar. Dezelfde mooie nagels zouden weleens gebruikt kunnen worden om jou te krabben! Verschillende interpretatoren leggen daarom uit dat de vrouw in onze tekst eerst het haar moet afscheren en haar nagels moet knippen (o.a. Nachmanides, de Ramban). Achter het schone uiterlijk (‘de kleding’, de yefas to’ar) schuilt mogelijk immoraliteit. Een persoon kan jou uiteindelijk iets betekenisvol in termen van schoonheid en aantrekkelijkst bieden, maar je zult eerst onderzoek moeten doen naar ‘het innerlijk’ en eventuele immorele aspecten moeten afwijzen en indien nodig moeten verwijderen. De boodschap van onze tekst, middels deze interpretatie, sluit aan bij de bekende tekst uit Torah in het Bijbelboek Vajikra, een tekst die een kernaspect van het Joodse leven beschrijft: ‘Maak een onderscheid tussen het onreine en het reine’ (11:47). Onderscheidend vermogen is datgene wat de Joodse levenswijze typeert. Wat is van Hashem, en wat niet? Welke gedrag is in overstemming met Zijn Instructies, en welk gedrag is in tegenspraak daarmee? Ieder Jood wordt opgedragen een geheiligd leven te leiden, waarbij juist dit vermogen om onderscheid te maken tussen heilig en onheilig diens kwaliteit van leven bepaald. De tekst uit onze wekelijkse parashah Ki Tetsee kan geïnterpreteerd worden als zo’n oproep om dit onderscheid serieus te nemen. In dit geval een onderscheid tussen het uiterlijk (de esthetiek) en het innerlijk (iemands binnenwereld), iemands voorkomen en de hart gesteldheid van die persoon.[2] Kierkegaards metafoor van de kleding is daarom al een passend beeld. In onze tekst wordt het beeld gebruikt van iemands haren en nagels. Daarom is in de klinische psychologie de vaardigheid van een persoon om onderscheid te maken, een teken van volwassenheid. Dit is tevens de reden waarom wij in de opvoeding van onze kinderen daar op allerlei manieren aandacht aan besteden. Denk maar aan het leren herkennen en aanleren van vaardigheden met betrekking tot veiligheid en onveiligheid, of mensen die je als kind wel of juist niet kunt vertrouwen. De wetenschap sluit zoals zo vaak aan bij de teksten uit de Torah, in dit geval de eerste zinnen van parashah Ki Tetsee. [1] ‘Moge de Eeuwige ruimte geven aan Jafeth (Jefet, een van de drie zonen van Noach)’ of ‘De Eeuwige moge Jefet uitbreiden.’ Het Hebreeuwse woordje yaft is hier vertaald als ‘ruimte geven’ of ‘uitbreiden’, en is gerelateerd aan het woordje yofi wat schoonheid betekent en verwijst naar de estetica, de tak van de filosofie die zich bezighoudt met schoonheid en kunst. Het woord estetica is afkomstig van het Oudgriekse aisthesis, wat ‘zintuiglijke waarneming’ betekent. Iets wat esthetisch is, heeft dus te maken met zintuiglijke waarneming en wordt ervaren als mooi, aantrekkelijk, harmonieus, kunstzinnig. [2] Dit betekent niet dat het Jodendom geen oog of waardering heeft voor schoonheid, zoals wij kennen in bijvoorbeeld de Griekse cultuur. Haar architectuur, beeldhouwkunst en andere kunstvormen worden zeer gewaardeerd. Of zoals wij kennen uit de Egyptische kunstvormen. Zo weten wij dat de Bijbelse figuur Bezalel zijn uitmuntende vaardigheden voor het bouwen van de Mishkan heeft geleerd van de Egyptenaren. Studies, zoals medicijnen en filosofie, zijn gemeengoed onder bekende Rabbijnen, zoals Rav J.B. Soloveitchik, Rabbi J. Sacks en de Lubavitcher Rebbe. Wanneer het echter aankomt op levensheiliging, dan wordt de Jood opgedragen voorzichtig te zijn. De Jood moet uit het goede putten, maar tegelijkertijd het verdorvene ervan verwerpen. Onze tekst en interpretatie uit deze parashah zijn daar een voorbeeld van. Click on 'previous' to read more Blogs (Klik op 'vorige' voor meer Blogs).
0 Comments
Your comment will be posted after it is approved.
Leave a Reply. |